Kritisch groepsdenken
Trefwoorden: Discussie, Frans Verstraten, Kennis, Kritisch denken, Meningen, Opleiding, Psychologie, Verbreding, zelfkennis
‘Vele meningen maken vaak een betere!’ is het sociaal wenselijke antwoord op de vraag hoe je met meningen van anderen omgaat. Zeker als je voor een leidinggevende positie wordt gevraagd. De praktijk leert echter dat veel leiders helemaal niet op de mening van anderen zitten te wachten. Bazen denken het allemaal wel te weten of proberen in elk geval die indruk te wekken. Op hun beurt hebben weinig individuen in een team het lef om hun leider een kritische analyse voor te leggen. Soms is het angst voor de baas, soms de naïeve (of luie) gedachte dat het echte denkwerk wel door andere teamleden wordt verricht.
Deze problematiek heeft veel te maken met wat psychologen groepsdenken noemen. In tegenstelling tot wat deze term lijkt uit te drukken, wordt in een problematische groep weinig nagedacht, zeker over kritische punten. Als er toch waarschuwingen komen dan worden die categorisch genegeerd en niet zelden wordt de brenger van de kritische noot zelfs de groep uit gebonjourd. Het resultaat is dat bij belangrijke onderwerpen niet alle voors en tegens bedacht, laat staan doordacht, zijn.
Dat leidt geheid tot problemen. Het bekendste voorbeeld is de ramp met de spaceshuttle Challenger die vlak na de lancering ontplofte. Had de top van NASA opengestaan voor andere meningen en iets gedaan met waarschuwingen, dan had dit drama wellicht voorkomen kunnen worden. Het hedendaagse voorbeeld, dat alle handboeken in management en psychologie gaat halen, is de financiële crisis.
Maar gelukkig zijn er signalen dat de voordelen van het kritische geluid weer worden onderkend. Zo (b)lijken verschillende belangrijke mensen en groepen denktanks te formeren met daarin breed geïnteresseerde slimmeriken. Ze worden bijvoorbeeld ingezet om een lezing, die nog gegeven moet worden, helemaal te ontleden: Welke vragen kan de spreker verwachten? Wat is het beste antwoord en welke van de mogelijke antwoorden conflicteert met uitspraken uit het verleden of beperkt je ruimte in de toekomst? Zo’n denktank is zowel Einstein als de advocaat van de duivel.
Het vermogen om kritisch te kunnen denken is vooral afhankelijk van scholing en vergaarde kennis. Het levert het referentiekader waarmee we vraagstukken van alle kanten kunnen belichten en consequenties doordenken. Echter, wat we momenteel missen is een snelle manier om mensen aan te leren hoe je kritisch moet denken. Dat wil zeggen, welke denkstappen moet je doorlopen om tot een afgewogen oordeel of antwoord te komen?
Er lijkt nu een mogelijke oplossing te zijn. In de Verenigde Staten bestaat aan een aantal universiteiten een cursus ‘kritisch denken’. Het is een cursus zonder boek en zonder vaststaand programma. Er is enkel een grotere groep studenten die elke bijeenkomst een aantal onderwerpen aandraagt bij een discussieleider. Vragen als ‘Kunnen mensen überhaupt zonder oorlog?’ of ‘Op welke leeftijd ben je volwassen?’, en ‘Mag seks met dieren?’, alle onderwerpen zijn goed. Het gaat immers niet om het onderwerp maar om het proces dat moet leiden tot goed nadenken en diepgang. Dit proces wordt door de discussie blootgelegd, want alle voors en tegens van een onderwerp moet nu door, en voor iedereen worden verwoord. Het denkwerk wordt door de deelnemers als groep gedaan en dat leidt tot weloverwogen conclusies.
Het interessante is nu dat het erop lijkt dat de studenten na verloop van tijd sneller diepgang bereiken en dus latent denkstrategieën leren, verbeteren of optimaliseren. Er is helaas nog geen menu voor dit proces, deelname aan de discussie lijkt de noodzakelijke voorwaarde. Natuurlijk, universiteiten doen al veel aan discussie en leveren kritische geesten af. Maar alles kan altijd beter en, niet onbelangrijk, dit soort exercities kunnen ook in bedrijven worden georganiseerd.
Dat dit soort oefeningen niet enkel diepgang maar ook verbreding van het kenniskader oplevert mag blijken uit de reactie van een Amerikaanse studente. Tijdens de discussie over het onderwerp ‘Bestaat God?’ bracht de discussie haar even van slag. Maar zoals een goed deelnemer betaamt stelde ze toch haar vraag: ‘But I always thought that Jesus was an American...?!’
Frans Verstraten is hoogleraar psychologische functieleer aan de Universiteit Utrecht en vaste medewerker op de Hart en Zielwebsite van de Volkskrant.
Foto: spatlan
Gerelateerde artikelen
- De buren maken u vrijgevig
- Psychologische tests zijn oneerlijk
- Geluk moet je hebben
- Zaterdag: Hart en Ziel op tv
- Joran is onze schaduw

levensmoed